|
Nieuws uit Oostelijk Indian Country
Door Chief Big Eagle
Golden Hill Paugussett land claims
Mijn stam, de Golden Hill Paugussett, strijdt al jaren voor teruggave van stamgebied dat ons in vorige eeuwen onrechtmatig ontnomen is. We hebben daarbij steeds gezegd dat we individuele land- en huizeneigenaars niet willen duperen, die indertijd hun huis of grond in goed vertrouwen van anderen gekocht hebben. Teruggave van een deel van het land plus een gepaste schadevergoeding is voor ons steeds het doel geweest. Verder zijn er plannen om op het land dat we terug krijgen een casino te bouwen, zodat de stam een eigen vaste bron van inkomsten heft en niet meer afhankelijk hoeft te zijn van subsidies, uitkeringen en dergelijke. Zelf ben ik niet zo enthousiast over deze casino plannen van de jongere stamleden omdat de nadelen ook groot zijn. Hierover heb ik al vaker in de Kiva geschreven.
Voorlopig is dit alles nog verre toekomst muziek. Op 2 oktober 1998 heeft het Supreme Court van Connecticut namelijk onze land claims in Trumbull, Shelton, Seymour, Southbury en Orange een flinke slag toegebracht. Het Hooggerechtshof van Connecticut bevestigde die dag de beslissing van het Appellate Court van Connecticut dat de land claims die mijn zoon Quiet Hawk in naam van de stam ingediend had, niet rechtsgeldig waren. Quiet Hawk zou niet afdoende hebben bewezen dat hij de autoriteit had om de landclaim namens de stam in te dienen. Er is namelijk een klein afgesplitst deel van de stam dat Quiet Hawk het recht daartoe heeft betwist. Zo zien we maar weer eens dat de blanke man de verdeel-en-heers tactiek nog steeds effectief weet toe te passen wanneer er het op aan komt om te voorkomen dat een Indiaanse stam haar recht krijgt. Tegen de beslissing van het State Supreme Court is namelijk geen beroep mogelijk. Mijn zoon Quiet Hawk is echter met zijn advocaten aan het bekijken of het mogelijk is om de land claims opnieuw in te dienen en wel dit keer bij het Superior Court. Dus: de strijd is nog niet voorbij. Zo makkelijk krijgen ze ons er niet onder.
Mashantucket Pequot Museum and Research Center
De Mashantucket Pequot Indianen van zuidoost Connecticut hebben aan hun uiterst succesvolle Foxwoods casino niet alleen hun huidige rijkdom te danken. Ze hebben met de opbrengst ervan ook de bouw van hun Mashantucket Pequot Museum and Research Center kunnen financieren. Het museum heeft in september 1998 officieel haar deuren geopend. Het is een reusachtig complex met een oppervlakte van 308.000 square feet. Het is daarmee het grootste museum in de Verenigde Staten dat geheel gewijd is aan de Indianen. Zelfs het geplande National Museum of the American Indian is kleiner. Bovendien is het Mashantucket Pequot Museum and Research Center geheel gewijd aan één stam, de Pequot. Het museum ligt op een kwart mijl afstand van het Foxwoods casino op het 1250 acres grote reservaat van de stam. De kosten van het museum waren 193,4 miljoen dollar. Maar dat is bij een jaarlijkse casino-omzet van 1,5 miljard dollar goed te betalen!
Mohegan Indianen kopen Fort Shantok State Park terug
Fort Shantok State Park ligt in de buurt van de stad Norwich in zuidoost Connecticut in het oude stamgebied van de Mohegan Indianen. De Mohegan stam heeft de staat Connecticut drie miljoen dollar geboden voor het park en Connecticut heeft het aanbod aangenomen. Fort Shantok State Park heeft voor de Mohegan namelijk een grote historische betekenis omdat hier een oude Mohegan begraafplaats ligt en er in de zeventiende eeuw een belangrijke gefortificeerde nederzetting van de stam lag. De oppervlakte van het park is 139 acres (ongeveer 45 hectare). Het is de bedoeling dat Fort Shantok deel gaat uit maken van het nieuwe Mohegan Reservaat. De Mohegan stam kan het zich permitteren om zo’n groot bedrag uit te geven omdat ze in navolging van de naburige Mashantucket Pequot stam enkele jaren geleden ook een succesvol casino, de Mohegan Sun, geopend heeft en daar flinke winsten mee maakt
Nog meer casino's?
De nieuwe rijkdom van de Mashantucket Pequot en de Mohegan stammen heeft niet alleen de hoofden van de jonge garde van mijn stam de Golden Hill Paugussett op hol gebracht. Het lijkt erop dat zowat iedere stam in New England aangestoken is. De Schaghticoke Indianen van westelijk Connecticut werken al diverse jaren in alle stilte aan plannen om eerst federale erkenning en dan een casino te krijgen. De Narragansett van Rhode Island en de Wampanoag van Gay Head (Aquinnah) in Massachusetts zijn reeds door de federale regering erkend als Indiaanse stam en zijn bezig om een aantal praktische en juridische hordes te nemen om tot de bouw van een casino op hun land over te kunnen gaan.
De economie van deze stammen wordt dan net als bij de Mashantucket Pequot en de Mohegan vrijwel geheel afhankelijk van het succes van hun casino's. Soms vraag ik me wel eens af wat dat allemaal worden moet met deze stammen wanneer de casino-gekte voorbij gaat door beperkende wetgeving van de federale regering. En niet alleen dat: Vroeger was het alles behalve een pretje om in het oosten van de Verenigde Staten een Indiaan te zijn. Je werd als Indiaan op vele manieren gediscrimineerd.
Nu is het voor veel mensen niet alleen interessant maar ook erg lucratief om Indiaan te zijn, vooral wanneer “jouw” stam een goedlopend casino heeft. Veel mensen die nooit geïnteresseerd waren in het Indiaanse deel van hun afkomst willen nu stamlid worden, gaan meedoen aan de stampolitiek en blijken alleen in geld geïnteresseerd te zijn. Wanneer die pseudo-Indianen in een stam zo talrijk worden dat ze het heft in de stamraad overnemen, dan kun je het ergste vrezen voor de toekomst. De echte Indianen worden dan terzijde geschoven en de profiteurs vullen hun zakken en zorgen dat de stam aan interne ruzies naar de knoppen gaat.
(vertaling F.W.)
Uit: De Kiva 35e jaargang no. 5/6, september/december 1998,© de Kiva
|